![]() |
|
|
Zoeken op deze site
|
|
|
|||||||||||||
Na
nagenoeg het hele grondgebied van Elsloo (met uitzondering van Meers) te
hebben beschreven, willen we ook de historische grenzen beschrijven.
Hoewel men dat vaak gemakshalve aanneemt, zijn de latere gemeentegrenzen
van Elsloo niet hetzelfde als de historische. In de loop van de tijd
veranderingen plaatsgevonden. Zo ging het gebied aan de overzijde van de
Maas verloren, verschoof de grens van de landweer naar de begrenzing van
het aandeel in de Graetheide en heeft er grondruil met Stein en correcties
met Geulle plaatsgevonden. In de volgende beschrijving maken we een
vergelijking tussen de historische grens en de grens van de Gemeente
Elsloo vóór de herindeling in 1983.
De
oorspronkelijke grenzen van Elsloo zijn niet bekend. Er bestaan
aanwijzingen dat in de vroege middeleeuwen (500-1000) Elsloo samen met Stein, Kotem en Boorsem (tot 1350 vielen die onder Elsloo!) één geheel,
een zogenaamd kroondomein, hebben gevormd. De burcht van Elsloo in de Maas
is zou hiervan het centrum geweest. Althans als de burcht hier altijd
gelegen heeft, er is geen enkel bewijs of aanwijzing voor een ouderdom van
de burcht die verder teruggaat dan ca 1100.
De bijfanck.
De ons oudst bekende grensbeschrijving is een op een onbekende datum
overge-schreven akte van 18 november 1462, de “bijfanck” genaamd. Op
gezette tijden werden de grenzen door de schepenen nagelopen en
gecontroleerd. In dit geval gebeurde het op het uitdrukkelijke verzoek van
de lantheere Johans van Gavere, riddere, heere ten Heetvelt tot Elsloet
tot Sint Aechtenroye, tot Sittard etc.
Het
waren niet alleen de schepenen die de inspectietocht maakten maar er
werden ook getuigen van stand zoals hier Johans van den Cruetse, openbare
notaris en Johan van Anstenrode uitgenodigd om deel te nemen. Verder
konden op een dergelijke tocht ook oude mensen en kinderen worden
meegenomen. Ouderen vanwege hun kennis van het grensverloop,
kinderen om hun de grens te leren kennen. Dit deden ze door op
bepaalde plaatsen de kinderen een pak slaag te geven. Niet omdat ze wat
gedaan hadden maar om de plaats in hun geheugen vast te zetten. Als ze oud
waren wisten die dan nog precies waar ze dat pak slaag hadden gekregen en
dus aangeven waar de grens liep (vandaar ook: Een pak slaag wat je zal
heugen). De oostgrens.
De
rondgang langs de grenzen, de bijfanck, begon in de Drie Kuilen aan het Meldert. Hier volgde men de grens “den Graef” zijnde de landweer langs
de heide (nu dus midden door Elsloo). De Landweer en de grens eindigde aan
“den Beecker Grindell”. Dit punt lag ter hoogte van de
spoorwegovergang Beek-Elsloo. Dit was de toegang van Beek naar de heide.
Van
daar ging hij de Heuvel op, dan op “ten Ruwen Boum op te Haeghen dorn
die steyt aen der jouffere landt int Hout. De Ruwen Boum
kunnen wij niet plaatsen wel te Haeghen dorn. Die stond in het
Heesterbosch (langs het Seecken-daalstraatje). Vandaar ging het via de
Groenen Graeff boven des Hoe Kuylen, ind voert op ten pael boven
Quyskoernes Graefve ook wel de
Beeckerreyn genoemd. De
“graven” waren greppels die de grens aangaven.
De
grens met Beek over de heuvel naar “het Hout”. Rechts in detail het
vreemde verloop van de grens bij de spoorwegovergang met Beek. Op de Kakeberg in Beek stond een grenspaal. Hier heeft deze berg ook zijn naam
aan te danken, kaak is een oud woord voor paal (een kaak was bijvoorbeeld
ook een schandpaal). De zuidgrens.
Van
de paal op de Horst ging het naar de Goelrewech (de weg van Geulle naar
Beek) en vandaar naar “boven die Biessen Kuyl daer dat Gericht van Elsloet plach te staen en van dan via boven den Materbergher Bossch op die
wye (wilg ?) die van auts daer gestanden heeft en de voert van dan doer
den Bosch op ten Waterganck te Materberch (de Materbergbeek). Dus vanaf de
Horst naar het Hoge Bos, bij de Biessenkuil naar beneden naar de
Materbergbeek.
Via
de beek gaat de grens naar de molen en door het molenrad. Vandaar naar de
Hemelbeek die door de twee Tsenten geet. De twee Tsenten is de
Sainterbeemd, twee eilanden (waarschijnlijk alleen bij hoog water).
Vandaar in de Maas tot op de helft van de stroom. We zijn nu aangekomen in
de beemden van Elsloo tegenover Boorsem.
Het
gebied tussen duiker en kanaal in 1935 en 1983. Blijkbaar is de grens met Geulle hier ooit rechtgetrokken. In 1935 volgt ze nog de oude loop. Later is de grens hier rechtgetrokken. Als men goed kijkt, ziet men dat de grens eerst niet door de duiker gaat, maar ervoor lag. Men heeft eerst de duiker gebouwd en toen de beek omgelegd. Vandaar dat die van Gäöl het niet na kunnen laten om de Aelsenaeren duidelijk te maken dat deze duiker op het Gäöls ligt en de beek erdoor niet de grens is. De grens is ook in het kanaal gecorrigeerd en gaat dan recht naar de Oude Maas en volgt deze tot aan de Maas zelf. Eerst volgde de grens tot aan de Maas de loop van de Hemelbeek.
Ook
ziet men op de kaart van 1935 bij de kromme dijk nog de oude loop van de
Roeschert ingetekend.Het is ons niet helemaal duidelijk hoe de beken nu
precies liepen. Op de kaarten lijkt het of het min of meer een stelsel was
waarbinnen waterlopen zelfs kruisten. Mogelijk zijn oude en nieuwe lopen
door elkaar getekend. Op de kaart is de huidige loop van de Hemelbeek herkenbaar.Men kan ook zien dat de grens vanaf de Zandberg niet de huidige
loop van de beek maar de oude aan de voet van de Zandberg volgde.
De
Westgrens.
De
grens volgt dan de rivier naar het noorden tot Lonegens weerde (helaas een
onbekende benaming). Deze weerd behoorde Elsloo toe. Van dan ging de grens
recht op Kerstgens Valdere (eveneens een onbekende benaming) en dan, via
huidig Belgisch gebied, verder. Zonder twijfel was hier sprake van de Maas
in haar oude bedding door de Kotemerweerd links van de Hal in de richting
van Geneuth (tegenover Groot Meers). Aangezien de akte uit 1462 is en rond
1459 de doorbraak van de Maas bij de Hal zou hebben plaatsgevonden
(volgens Peter Treckpoel) kan dit de reden van de kasteelheer zijn geweest
voor zijn opdracht voor de bijfanck. Van de andere kant wijst niets in de
tekst op een grote Maasverplaatsing. De uitdrukkelijke vermelding dat de
onbekende Lonegens weerd tot Elsloo behoorde kan hier op duiden. De
grensbeschrijving hier verder gaat langs Mechelen en Vucht en via de
Maasband terug. Deze beschrijving valt echter buiten dit bestek.
De
Noordgrens.
Wij
steken onder de Scharberg over en beginnen weer bij Scherren en volgen
vanaf hier de grens over de Scharstraat (de helft was Elsloo, de andere
helft Stein) tot aan het vertrekpunt in de Drie Kuilen.
|