|
Deel 5: Elsloo na het jaar 1000
De
akkers.
De
groeiende vraag naar landbouwproducten maakt uitbreiding van de velden
noodzakelijk. De eerste uitbreidingen zal vermoedelijk uitbouw van het
Elserveld over de
oude begrenzing Driekuilenstraat/Gavrestraat/Schoolstraat) heen
zijn geweest. Vervolgens op de licht glooiende hellingen (Mergelakker)
richting Catsop en vervolgens vanuit Catsop tenslotte de velden rond dit
gehucht en vanuit Terhagen
(wat toen groter was, hierover later meer) het Armsterveld. Dat de Graetheide (zeer vruchtbare gronden)
In
eerste instantie beperkt ontgonnen werd, kende een andere dan
landbouwkundige achtergrond. De
Graetheide was eerst een (oer)bos en heette ook het Graetbos en was
gemeenschappelijk bezit van de omringende dorpen. Deze kon niet zonder
meer ontgonnen worden. Ook had men de heide nodig voor het hoeden van vee t.b.v. de mestproduktie. Dit mede ter vervanging van oudere weidegebieden
die tezelfdertijd werden omgezet in akkerland. Voor
de oudste velden was het van belang hoe ze gelegen waren. Bij voorkeur
dienden ze i.v.m de reistijd dicht bij de nederzetting te liggen en vlak
te zijn. Dit laatste omdat een vlak veld
minder aan erosie onderhevig is waardoor de lösslaag dikker en het
veld dus vruchtbaarder is. Ook was voor de uitvinding van de keerploeg en door het gebrek aan
trekkracht löss moeilijk te doorsnijden, zeker als het een helling
betrof. Als laatste kwamen, de minst vruchtbare, hoogst gelegen gebieden
rond Catsop aan de beurt. Tussen deze akkercomplexen lagen de drassige
droogdalen, mindere gronden die bebost
bleven en reeds
ontboste gronden die nog niet in gebruik waren genomen
en tijdelijk als weiland dienden. Het Maasdal bleef grotendeels
weidegebied waarvan vrij grote delen drassig waren.

Veelal
wordt verondersteld dat de ontginningen rond 1300 waren afgerond. Dit kan
wel kloppen voor de ontbossing maar dat betekend niet dat alles akker was.
Grote gebieden bleven nog lang braak liggen en dienden als weidegebied.
Uit de archieven van Elsloo blijkt dat nog in de 16e eeuw grote
gebieden met weidegronden “gebrocken “ worden, dit betekend omzetten
in akkerland. Wel dienen we hier
aan te tekenen dat in de 14e eeuw de pest in Europa hele
streken ontvolkt heeft. Van het buurdorp Beek is
bekend dat de pest daar geheerst heeft. Elsloo zal hier dan zeker
ook niet van gespaard zijn gebleven.
De pest kan het ontginningsproces vertraagd hebben tot in de 16e
eeuw de aangroei van de bevolking nieuwe ontginningen noodzakelijk
maakten.
Buiten
de Graetheide en gedeelten van de beemden welke gemeenschappelijk bezit
van de inwoners waren (de gemeinten)
waren de gronden grotendeels in het bezit van het Kasteel en
kerkinstellingen. Het waren ook de kasteelheren die de bossen lieten
kappen en deden veranderen in weidegebieden. Naar behoefte gaven ze later
weer stukken van die weidegronden vrij voor omvorming tot akkerland.
Dit deden ze natuurlijk niet zelf. Door een landmeter werd een
grote blok land ingemeten. Deze blok werd dan door de kasteelheer verpacht
aan de een van zijn leenmannen in Elsloo. Veelal waren dit grotere boeren
of notabelen. Deze deelden dan die blok in kleinere percelen in en
verpachten hetgeen ze zelf niet in gebruik namen
op hun beurt
weer door aan de dorpelingen. Later verkoopt het kasteel veel van
deze gronden aan de boeren waardoor een zelfstandige boerenklasse kon
ontstaan. Op
deze wijze schoven de grenzen van de verschillende velden
Steeds verder de hellingen op en naar elkaar toe. Vanuit de
bestaande wegen volgden de veldwegen deze ontwikkeling. Eerst als
doodlopende weg, later worden ze aaneengesloten om te
fungeren als doorgaande weg. Deze middeleeuwse indeling van de
percelen blijft tot de ruilverkaveling in 1973 in hoofdlijnen bestaan. Met
dien verstande dat in de loop der tijd door erfdeling de percelen steeds
verder werden opgesplitst. Degene die de indeling en uitzicht van de
velden voor 1973 heeft gekend, heeft dus ook het middeleeuwse landschap
gekend. De ruilverkaveling
heeft eigenlijk de klok teruggedraaid. De indeling is ooit begonnen als
grote blokken en de ruilverkaveling heeft de velden weer tot grote blokken
teruggebracht.
|