![]() |
|
|
Zoeken op deze site
|
|
|
|||||||||
Een
van de belangrijkste zaken die men nodig heeft om de ontwikkeling van een
streek te doorgronden is de kennis van het oudste wegenpatroon.
Al in de Keltische periode bestonden er wegen. Hoewel we over deze
periode bijna niets af weten, moeten
we deze toch niet als een
primitieve periode zien.
De Keltische
wegen waren door het gebruik platgelopen banen. Het zijn die wegen die
Caesar gebruikte om onze streken te veroveren (57-52 VC). Van de Romeinen is bekend dat zij, als ervaren en goed
georganiseerde kolonisatoren, hun wegennet uitbouwden om de pax romana te
vestigen in de bezette gebieden. Toch is het beeld van de heirbanen die
bekleed waren met stenen te idealistisch. In onze streken werden
plaatselijke materialen verwerkt, meestal
was dit grind. Over de hoofdwegen
tussen de grote plaatsen in de Romeinse tijd bestaan in de literatuur
duidelijke beschrijvingen, op lokaal niveau ontbreken deze echter. Gezien
de vele vondsten uit de Romeinse tijd in onze streek, is het
ondenkbaar dat er hier toen geen verbindings-wegen hebben bestaan.
De streek tussen Maas en Rijn was toen vrij dicht bevolkt met een
evenredig uitgebreid wegenstelsel. Het probleem is om deze te traceren. Met betrekking tot de
wegen heeft ons altijd bijzonder de vraag beziggehouden naar de betekenis
van een Romeinse muntvondst in Rekem (België). Bij de restauratie van het
kasteel werd namelijk een grote hoeveelheid kleine muntjes in de oever van
de Maas in de Romeinse tijd gevonden. Men dacht hier aan offermuntjes aan
de riviergoden voor een veilige overtocht. Deze mensen moeten toch ergens
naar toe zijn gegaan zijn, ze kwamen tenslotte van of gingen naar het
gebied van Geulle. Dit bracht
ons op de gedachte dat er via Geulle belangrijke verbindingen hebben
bestaan. Nader onderzoek naar het verloop van wegen in ons gebied voerde
ons naar de Materberg en vandaar uit naar aansluitingen met Elsloo en
Beek. Hierbij aangetekend dat natuurlijk vanuit Geulle ook wegen in
zuidwaartse richting (naar Bunde en Meerssen) zullen hebben gelopen.
De kern van Geulle aan de Maas, ontstaan op een snijpunt van oeroude wegen. Wij vermoeden dat de weg van Rekem over Geulle
aansloot op een verbinding tussen Maastricht
en Sittard. Hij vormde zo een
verbinding tussen de weg van Maastricht naar Nijmegen (die langs Rekem
voerde) met de weg Heerlen
naar Xanten (waar hij ten oosten van Sittard op aansloot ).
Wij denken overigens ook dat er in de Romeinse tijd een
(secundaire) noord-zuid verbinding aan deze zijde van de
Maas heeft bestaan maar dat dit niet de vaak als route
veronderstelde (Gemeyn) Heerstraat is geweest, dit was een middeleeuwse
weg.
De bij de bovenstaande kaart behorende originele beschrijving van de weg door dokter Beckers.. Volgens ons komt voor
de Romeinse noord-zuid route door het Maasdal eerder de beschreven weg
langs de dalrand in aanmerking. Deze kwam van Bunde en liep vervolgens
over Geulle a/d Maas, Materberg, Terhagen,
Elsloo, Stein en verder. Dit
veronderstellen we omdat het de kortste verbinding vormt tussen de
Romeinse vondsten op de Pendersjansknup (gelegen tussen de Slingersberg en
de Snijdersberg) en de haven van Stein. Tevens loopt hij langs de
begraafplaats boven d’n Duuker en over de Scharberg
waar een inheemse nederzetting heeft gelegen van de germaanse Scuni
(gevonden tijdens de aanleg van het kanaal vlak bij de autowegbrug).
Uitgaande van
Romeinse vondsten in ons gebied kan men echter niet om de Steinderweg
heen. Deze weg is misschien van een veel groter belang in ons gebied
geweest dan een mogelijke weg langs het Maasdal. Hierlangs is namelijk
vrij veel en divers Romeins materiaal gevonden wat er op kan wijzen dat
deze weg heel oud is. Volgt men deze weg door Stein, dan loopt deze via
het Keerend en Kruisstraat naar het havengebied. (In Stein kwamen
overigens meer wegen bij elkaar). Volgt men de Steinderweg naar Beek, dan
kan hij via de huidige Stationsstraat verder hebben gelopen. Ook bestaat
hier de mogelijkheid van een afsplitsing nabij de huidige overweg in een
tak langs de rand van de Heuvel waar hij aansluiting vond op de weg vanaf
Sittard naar Maastricht (waar
ook de weg vanaf Rekem op aansloot). Omgekeerd kan men de Steinderweg ook
zien als een aftakking in een weg komende vanaf Maastricht naar het
noorden (Stein en verder). De andere tak gaat naar het noord-westen
(Sittard en verder).
|