|
Deel 77: Veldwegen en voetpaden in
Meers In de vorige
afleveringen hebben we ons beziggehouden met de diverse veldnamenrond de
Weerd. Bewust hebben we de veldwegen en voetpaden overgeslagen. Dit
omdat het geheel dan helemaal niet meer te volgen was (ook niet voor ons).
Zoals onderstaande kadasterkaart van rond 1820 al aangeeft bestonden
de landerijen binnen de grote bocht in de Maas uit enkele zeer grote
percelen. Deze grenzen zijn ontstaan door het aan en afspoelen van
gronden van twee grote eigenaren in dit gebied. De Heer van Elsloo en de
Proost het St Servaesklooster te Maastricht, de eigenaar van (Maas)Mechelen.
1820
 |
Hoe het met de
eigendomsverhoudingen m.b.t. de weerden van Meers na de franse
tijd is gegaan hebben wij niet nader onderzocht. Wel is ons
opgevallen dat een deel van de voormalige gebieden van het
kasteel van Elsloo voorkomen op een kaart met de
kasteelbezittingen van Stein uit het begin van de vorige eeuw .
Deze gronden kunnen eerder daar naar toe zijn overgegaan of ze
zijn aan dezelfde koper als de gronden van Stein verkocht.
|
Spoelde het een bij de ander af, dan was hij het kwijt. Spoelde het
aan, dan werd zijn gebied groter. Zo spoelde bij de Heer van Rekem de
Kotemerweerd aan en de Heer van Elsloo kreeg aanwas ten koste van
Mechelen. (Verlies en winst voor Elsloo stond overigens niet in
verhouding tot elkaar). Ook vind men de oude Maaslopen in de Weerden
terug. Toen de Alde Maes verlandde, waren de inwoners van Meers (rond
1650) van mening dat de voormalige bedding hun toekwam. Het was
tenslotte geen aanspoeling. Hierover kregen ze ruzie met de Heer van
Elsloo. Een gevolg hiervan is dat er toen diverse kaarten getekend zijn
. Uit deze kaarten is zonder meer door vroegere onderzoekers
geconcludeerd dat de maas plotseling rond 1650 is omgeslagen. Zoals
weergegeven, denken wij hier anders over. De uitslag weten we (nog) niet
maar we vermoeden dat de bewoners, zoals meestal, aan het kortste eind
hebben getrokken.
Het is wel tekenend voor het karakter van de inwoners van Meers dat
men er ondanks alles toch voor hun gelijk ging !
 |
Belgische stafkaart
1935.
Voor zover wij ze als
zodanig konden herkennen. Rode stippen: de voetpaden.
Gele stippen: De veldwegen. Geen enkele weg loopt dood op de
Maas met een verbroken aansluiting op de andere oever wat een
oude doorgaande weg zou kunnen verraden. De wegen volgen de
kadasterlijnen en zijn duidelijk pas tot stand gekomen nadat het
gebied tot rust was gekomen. Opmerking langs de Maas is een
voetpad ingetekend, lijnpad ? Achter de Weert loopt een weg die
nu wel bestaat maar niet op kaarten van voor 1942 voorkomt,
vreemd.
|
Doordat het gebied geen doorgaande wegen heeft gekend die als
ontginningsas konden dienen met van hieruit vertrekkende
ontginningswegen en de Alde Maes lang een hinderpaal was, hebben de
veldwegen zich pas laat ontwikkeld. Toen de akkers aangelegd werden,
werden ook percelen uitgezet die verpacht werden. Deze percelen volgende
de grenzen van het betreffende gebied, welke op hun beurt weer op de
oude waterlopen teruggingen. De nieuwe wegen volgenden deze grenzen of
de dijken, dit is waar het vaak vreemde onlogische verloop er van afkwam.
Voor de duidelijkheid: wij hebben het hier over het wegenstelsel voor de
ontgrindingen en recente dijkaanleg.
|
1 Koegriend Dijkweg 14 Heggenvoetpad
2 Losplaats 15 Weertvoetpad
3 Bovenste Koevaart 16 Weg op de Weert
4 Weg achter de Heggen 17 Veldjensweg
5 Dijkvoetpad 18 Achter Veldjens Voetpad
6 Meerser Dijkweg 19 Battenweg
7 Pontegatsweg 20 Middelveldjensweg
8 Ruytersweg 21 Middelveldjensvoetpad
9 Pontegatsvoetpad 22 Veldjensdwarsweg
10 Voetpad voor de Weert 23 Maasbandervoetpad
11 Weertpadje 24 Klauwenweg
12 Beelenweidepad 25 Battenvoetpad
13 Beelenweidevoetpad 26 Klauwenvoetpad
|
Een
kaart uit 1987 werd door ons n.a.v. de gegevens van Nic. van de
Wal bijgetekend. Het lijkt wel een doolhof. Hoe het verloop van
de wegen nu precies is en hoe ze heten is ons niet bekend.
 |
Opmerking: Weg 27 heet officieel Middelveldjensvoetpad. Volgens kaart
Nic van de Wal is dit nummer 21. Het is wel merkwaardig dat we deze weg
op geen kaart voor 1940 zijn tegengekomen alleen op de Begische
stafkaart van 1935 komt hij voor. Volgens de wegenlegger van rond 1900
is nummer 21 het originele Middel-veldjensvoetpad. De naam het Veldje
welk lag tussen Groot en Kleine Meers hebben we al eerder behandeld.
Maar er was nog een tweede Veldje (daar gaan we weer eens!) . Dit Veldje
was de naam voor het gebied tussen “ Op de Klauwen” en de “Veldjensdwarsweg”.
 |
De Pontegatsweg. Ooit
liep hij tegen de Maasoever tegenover de Weerterhof. Ook toen er
nog water hier in de Maas stond zal er toch een verbinding
moeten zijn gewest met de Weerterhof. Misschien maakte men
gebruik van een pont (platte boot) vandaar dan ook de naam. |
|
De Koegriend of “Kooweisdiek”
vanuit het westen naar de losplaats. |
 |
 |
Koegrienddijk
vanuit het oosten. |
| Een weg die
op geen enkele kaart voorkomt (bestemd voor afvoer van grind) . |
 |
 |
Het Middelveldjensvoetpad is nu wel
een erg breed voetpad geworden. |
|
Naam ? Zicht naar Meers toe. Links ligt de
Weerterhof rechts het Grensmaasproject.
|
 |
 |
Veldjensweg |
|
Beelenweidevoetpad ? Een van de
weinige overgebleven onderdelen van de oude doolhof van “sjörkarpaedjes”. |
 |
 |
Op de Weert
|
|
Langs de Maas bij de Cattesteert (bij
het riool). |
 |
|
 |
Nieuwe
dijk aan einde van Pontegatsweg |
|