logo box 450x250 historie dba67b

Deel  3: De Heren van Elsloo

1. Arnold I
De eerste gekende Heer van Elsloo was Arnold of Arnoud I van Elsloo. Van deze Arnold is niet veel bekend. Hij moet rond het jaar 1100 geboren zijn en werd opgevolgd door zijn zoon Arnold II .

2. Arnold II
Arnold II van Elsloo was in 1138 geboren en is in 1202 gestorven. Hij trouwde in 1157 met ene Bezzela die werd geboren in 1140.

Kinderen: 1 Arnold van Elsloo geb 1158 2. Lutgarde van Elsloo geb 1160 3 Herman van Elsloo geb 1162 (dit is de eerste kasteelheer van Stein) 4 Gerard van Elsloo geb 1164 5 Gottfried van Elsloo geb 1168 6 Reiner van Elsloo geb 1168 7 Anselm van Elsloo geb 1170. Kind nummer 1, zal zijn vader als Arnold III opvolgen.  Hier meer info>>>

De heren van Elsloo waren ridders , strijders te paard.

De link met Stein
Een van de broers van Arnold III was Herman, dit was de stichter van de Steinse dynastie en kruisvaarder. Vanaf 1202 komen gebroeders Arnold en Herman van Elsloo voor als leenmannen van de graven van Loon. Arnold is heer van het ouderlijk stamslot Elsloo, Herman beschikt over de tienden van Gerdingen en Stein ten voordele van de abdij van Herckenrode en van de Duitse Orde. Herman was getrouwd met (?) van Kriekenbeek.
Zij hadden beiden zonen die Arnold waren genoemd. Voor Elsloo was dat Arnold  IV van Elsloo, voor Stein was dit Arnold I van Stein geboren rond 1215. Hij was gehuwd met Margareta van Grimbergen. Hun zoon was ook weer een Arnold. Deze Arnold II van Stein (geb 1226) was getrouwd met (?) van Valkenburg. Het is ook deze Arnold die onder de graaf van Loon deelneemt aan de beroemde slag bij Woeringen (1288) daar tot ridder werd geslagen.


Volgens sommige bronnen zou Arnold in een later huwelijk (ca 1307) met een Hollandse trouwen ( Margaretha Jansz van Renesse , oudste dochter van Jan van Renesse, Heer van Renesse en Gouda), leenman worden van Floris V en verhuizen naar de omgeving van Gouda. De streeknaam herinnert nog steeds aan hem want  na zijn dood werd deze het land van Steyn genoemd. Het land van Steyn ontving zijn vrouw, in ruil voor Goude zelf, want haar moeder was erfvrouwe “van der Gouwe” gem. Haasdrecht ten oosten van Gouda. Samen hadden zij een zoon, waarsachijnlijk Jan van Steyn, dan heer van Kerckwerve.  (met dank aan Dhr  G. van Stijn voor de aanvullingen)

De gemeente “Land van Steyn” heeft bestaan van 1826 tot 1 juli 1870. Aan het begin van de 14e eeuw duikt de naam Land van Steyn op, genoemd naar de toenmalige heer Arnoud van Steyn. In 1481 verwerft de stad Gouda de hoge heerlijkheid Steyn in erfpacht. In 1579 besluiten de Staten van Holland dat Gouda de hoge heerlijkheid als onversterfelijk erfleen mag behouden. In 1795 werden heerlijkheden afgeschaft en ontstonden gemeentes. Het Land van Steyn, Kort Haarlem, Willens, Vrijhoef en Kalverenbroek vormden de gemeente Land van Steyn.
Bron: Wikepedia

Het gebied dat later de heerlijkheid Land van Stein zou worden, behoorde in 1128 aan het bisdom Utrecht. Tien jaar later vermaakte de bisschop van Utrecht het gebied aan het kapittel van Oudmunster te Utrecht. In 1290 werd het beleend aan Jan van Renesse en Sophia van der Goude. Toen Sophia kinderloos stierf, verviel het leen aan de grafelijkheid van Holland. De graaf van Holland, Willem III, schonk het gebied van en rond Gouda aan zijn broer, Jan van Beaumont. Het gebied van Stein ging over naar zijn dochter, Josina, die huwde met Arnout van Stein, de naamgever van het gebied. De zoon van Josina was Jan van Blois. Hij was heer van Ter Goude en was begiftigd met Treslong in Henegouwen, de heerlijkheden Bentheim en Cabauw in Holland, Tholen in Zeeland, tienden in het land van Haastrecht en het land van Stein. Deze goederen verwierf hij in 1361.

Het dorp Stein heeft een stiefbroertje cq zusje in Zuid-Holland

3. Arnold III
Arnold III van Elsloo stierf tussen 1232 en 1240. Hij was getrouwd met Mechtild van Dyck. Ook zij hadden een zoon die Arnold werd genoemd en zijn vader opvolgde als Arnold IV..

4. Arnold IV
Arnold IV van Elsloo stierf tussen 1285 en 1296. Hij trouwde met Ide. Zij kregen echter geen zonen maar alleen dochters. De oudste was Margarethe van Elsloo die ook Elsloo kreeg.  Deze Margauerite de Elsloo (Franse benaming) is overigens niet in Elsloo geboren maar in 1271 in Lens Sur Dendre in Henegouwen (België) Meer info op web.

5. Oyst I van Born
Margarethe van Elsloo trouwde met Oyst , Oost , Oystonis of Othon van Born. Zij kregen o.a. een zoon Oyst en een dochter Jolande of Yolande (1293 Lens Sur Dendre, dat ligt bij Mons ofwel Bergen in Heinaut ofwel Henegouwen, Belgie), zij heette Yolande van Elsloo. We zullen haar later nog eens tegenkomen.

6. Oyst II van Elsloo
Oyst was voor 1306 geboren en stierf in 1337. Hij trouwde met Katharina van Wildenberg. Geboren 25.03.1368. Deze Catharina was een dochter van Philips von Wildenburg en Johanna van de Marck. Tot haar familie behoorden bisschoppen van Keulen en Luik en de graven (later hertogen) van Gulick. Oyst noemde zich toen Heer van Elsloo, Wildenburg en Kessenich. Ook komen we hem tegen als van Borne, Elsloo en Wildenberg. Zij kregen drie kinderen Johanna, Oyst, en Arnold.

Op 10 december 1329 verklaart Oist II, heer van Elsloo, dat hij met toestemming van zijn vrouw Katharina, wegens de hulp die graaf Willem van Gulik hem geboden had, de burcht Elsloo en het dorp, het huis te Warden en de dorpen Grote Brögel en Epikom met alles wat daartoe behoort, de hoge en lage rechtspraak, aan Willem van Gulik erfelijk in leen opdraagt.( ook Boichholt (B) behoorde hun toe). In 1335 ruilen ze Wildenburg, Hillesheim, Amel en Goessenig met de graaf van Gulik tegen Grevenbicht en Kessenich.

Wildenberg komt van Wildenburg en dat is een plaats in de Eiffel gemeente Hellenthal. Ooit de zetel van de machtige heren van Wildenburg die uitgestrekte bezittingen in de Eiffel hadden.De burcht bestaat nog en is een van de weinige intact gebleven burchten in de Eiffel. Dat Oyst van Elsloo als huwelijkspartner in aanmerking kwam, geeft het grote aanzien wat de Heren van Elsloo hadden weer.

Ridders hielden van toernooien.

 

7. Oyst / Otto III  van Born van Elsloo  (?- 1374)
Oyst III was getrouwd met Johanna van Breydenbempt, dochter van Werner de Palant en van Rorika de Merode. .De vader van Otto III, Otto II was jong gestorven.  Otto III volgde hem wel op, maar kreeg spoedig te maken met  een stiefvader die op zijn bezit uit was, Reinaed I van Schoonvorst, fortuinjager, bankier en raadgever van vele vorsten, de eerste grote en de meest behendige financier van zijn tijd. In zijn tijd een van de machtigste ridders tussen Rijn en Maas.

8. Reinard I van Schoonvorst (Schönforst, Scoenvorst, Schoenvorst, Schoenforst)
Maar Otto III verkoopt echter Elsloo (samen met Catsop en Grevenbicht) aan zijn  stiefvader  Reinard  I in 1361 waardoor deze heer van Elsloo wordt.  Zijn moeder,  Katharina was namelijk een tweede keer getrouwd en wel met Reinhard I Mascherel von Schönforst (Schoonvorst), Herr von Schönforst  (geboren in 1308 gestorven 27 december 1375). Hiermee kreeg zij nog  8 kinderen. Een van de kinderen uit dit tweede huwelijk waren Reinhard II en  Conrard II . (Zelf had hij waarschijnlijk  een onechte dochter). Zie bron>>>

Reinards Kinder.
.....zählt 8 Kinder Reinards aus seiner Ehe mit der Dame von Wildenberg auf, vier Söhne und vier Töchter. Die Söhne hiessen: Reinard IL, Johann, Conrad, Engelbert; die Töchter: Alide, Philippine, welche bald Johanna, bald Adelheid genannt sein soll, Mechtilde -nicht Maria- und Elisabeth. Dazu kommt dann noch die uneheliche Tochter Elisabeth.

De achtergrond van Reinard I
Het geslacht Schoonvorst komt voort uit  het geslacht Schönau-Schönforst. Hierover bestaat een hele studie>>>
Deze Duitse studie heeft voor een aanzienlijk deel betrekking  op onze Reinard en zijn nakomelingen. Schönau is een plaats bij Laurensberg bij Aken. Schönforst wordt ook Forst genoemd was ook bezit van de Heren van Schönau en is nu een buitenwijk van Aken bij Burscheid.
Als nakomeling kreeg Reinard een zo geringe erfenis dat hij geen paard kon voeden. M.a.w. hij kon niet op (ridder)stand leven. Deze ridder te voet beschikte echter wel over een zeer helder verstand. Hij werd kanunnik aan het kapittel van St Servaes te Maastricht. Hij was een een raadsman van de marktgraaf Willem van Gulik en leefde spaarzaam om zo geld uit kunnen lenen en zijn macht en invloed te doen groeien.

De kroniekschrijver Jaques de Hemricourt beschrijft Reinard tegen het einde van de 14e eeuw als de meest door het geluk begunstigde ridder die het in honderd jaar in het gebied tussen Maas en Rijn geleefd heeft. Hij werd gezien als een fortuinjager. Hij had zijn fortuin gemaakt in de wol- en geldhandel. Hij heeft hoge functies bekleed aan het hof van de bisschop van Keulen, van de graaf van Gulik en dat van de hertog van Brabant te Leuven. Zijn huwelijk met Catharina van Wildenburg heeft zeker niet in zijn nadeel gewerkt en hem op de sociale ladder flink omhoog geholpen. Voor zijn huwelijk was hij Hij was dikke vrienden met de hertog Jan III van Brabant. Op een gegeven moment heeft hij zich tot de Pauselijke kurie toe moeite gedaan om ene zekere Johann Amelius pastoor in Elsloo te maken. Men vermoed dat deze Johann een voorechtelijk kind van hem was. In 1362 verleent de Paus deze Johan een plaats als kannunik aan de Sint Servaes, men noemt hem daar “pastoortje”. In het Sint Servaes stift had Reinard blijkbaar grote invloed, want een jaar eerder had hij zijn 11 jarige zoon Johann daar proost gemaakt. Hij wordt omschreven als een temparament volle ridder, heer, financier en diplomaat.

Ook breidt Reinard de bezittingen fors uit. Hij koopt Sittard (Zittert in Belgisch Brabant!),  Moschau, Zichem en Sint Agatha Rode (tot deze plaatsen behoorden diverse dorpen ). In de kerk van Zichem bevind zich het oudste glas in loodvenster van Belgie. Dit is door Reinard geschonken. Het is een calvarieberg met aan de voet het wapen van Schoonvorst en Wildenburg.  Ook had hij huizen in Keulen, Luik en Maastricht. Hij was in zijn tijd een van de machtigste ridders tussen de Maas en de Rijn.

In Zichem (Scherpenheuvel) staat nog 28 meter hoge  toren (donjon) met metersdikke muren die de Maagdentoren wordt genoemd aan de Demer. Deze is door Reinier I gebouwd. Hij staat bekend als een uniek militair bouwkundig werk.
Reinard huwde overigens op zijn beurt voor de tweede keer, ca 1370,  met Elisabeth de Hamal, de weduwe van Engelbert de la Marck.  Dat wekte de woede op van zijn kinderen. Hij streed in het Brabantse leger in de verloren slag te Baesweiler (tussen Gulik en Brabant) in 1371 en werd op de vlucht gedreven en door de inwoners van Maastricht mishandeld. Na zoveel tegenspoed verliet hij zijn land en zijn echtgenote en ging sterven op het eiland Rhodos (er zijn ergere plaatsen om te sterven !).

Rhodos stad


Ook bestaat er een (niet door ons gelezen) Belgische studie : 220. De CHESTRET de HANEFFE (J.) Renard de Schönau, sire de Schoonvorst, un financier gentilhomme du XIVe siècle. Bruxelles, Hayez, 1892, in-8, 72 p., 1
pl. de sceaux, tableau généal. 12

In 1369 had hij al het grootste deel van zijn bezit aan zijn oudste zonen Reinard II en Johan overgedaan. Conrard en de andere kinderen kregen een troostprijs. Omdat Conrard was toegezegd zijn halfbroer Oyst III te mogen opvolgen, mocht deze zou overlijden zonder mannelijke opvolgers (dat betrof Elsloo, Grevenbicht en Catsop), kreeg hij verder niets van zijn vader. Hij werd eigenlijk hiermee afgescheept. Zijn twee oudste broers hadden een grotere buit binnengehaald.

Paul
Prachtig artikel.Weet u iets meer over Arnold III van Elsloo? Welke gronden had hij in leen? Mogelijk is zijn dochter Johanna de eerste dame van Hoogstraten geweest. (Terzijde, wij vieren in 2010 heel het jaar door het 800 jarig bestaan van onze stad). Plaatsnamen als Meer, Kluis, Beek, Heerle, Hal, Strijbeek, Terbeek komen bij ons in de gemeente ook voor.
Laat reactieformulier zien