logo box 450x250 historie dba67b

Deel 40: Reconstructie van het landschap.


Reconstructie van het landschap
Na de beschrijving van de velden rond Catsop, kan men zich afvragen hoe het landschap in zijn oorspronkelijkste vorm heeft uitgezien en zich ontwikkeld heeft. Het mag duidelijk zijn dat dit niet in keer is gebeurd. In de inleidende artikelen hebben we over dit onderwerp al geschreven. Op basis van alle verzamelde gegevens is door ons een reconstructie van het landschap rond het jaar 1000 en rond 1500 gemaakt. Daarbij aangetekend dat dit een hypothese is (waarschijnlijk is het zo gegaan ). Het beeld is geschetst op basis van eigen onderzoek en conclusies.

Het oerbos
Catsop en omgeving was, net als de rest van Elsloo en aangrenzende gebieden,  tot ca 1000 grotendeels bedekt met oerbos. Dit bos werd in de loop der eeuwen ontgonnen en op de plaats ervan het landschap naar de behoeften van de tijd ingericht. Eerst werden gedeelten van het bos ontgonnen ten behoeve van de aanleg van weidegebieden voor Elsloo. Later als de akkerbouw de boventoon gaat voeren, wordt door de Heer van Elsloo een hoeve in dit gebied gebouwd. Een Laathof, de verre voorganger van de nog bestaande hof van Catsop. Het is ook mogelijk dat er een tussenstap is geweest, namelijk dat de hof eerst een veehoeve was welke uitgroeide tot een akkerbouwbedrijf. In de directe omgeving van de hof lagen kleine boerderijen waar de laten (de aan de hoeve verbonden arbeiders) woonden. Een gedeelte van het bos en bestaand weidegebied, wordt omgezet in hoefland, land behorende tot de hof. Een ander deel  voor eigen gebruik door de laten (zijnde betaling in natura voor de verplichte arbeid op de hof).

De Heuvel met op de achtergrond het Heestert. Hier handhaafde zich lange tijd nog een oerbos, dat ooit het hele gebied van Elsloo en omgeving bedekte.

De bossen sloten aan op het uitgestrekte Graetbos (later de Graetheide) welk doorliep tot aan de huidige Rijksweg in Beek.
Het is dus ook niet verwonderlijk dat men zich moest beveiligen  tegen groot wild en zelfs wolven, door greppels tussen  de velden en bossen te leggen.

Veranderingen
Rond het jaar 1000 komt de wereld in beweging, de haam voor het paard word uitgevonden, waardoor de trekkracht enorm toeneemt tevens vindt er een bevolkingsexplosie plaats. Men gaat over tot het uitbreiden van de velden en de weidegebieden ten koste van de bossen. Er komt meer kennis over de landbouw ter beschikking en er vindt als het ware een groene revolutie plaats. In deze eeuw beleefd overigens ook de Maashandel en de Maassteden een bloeiperiode, wat ook zijn weerslag heeft op de ontginningsactiviteiten in het Maasdorp Elsloo. Vanuit de steden neemt de vraag naar landbouwproducten namelijk toe.

De Tranchotkaart uit 1803 geeft alle elementen in detail weer die zijn overgeleverd uit het middeleeuwse landschap.
Deze kaart vormt als het ware een scharnier in de gegevens tussen de tijd van de kasteelarchieven en de moderne archieven vanaf de Franse tijd.

Reeds lang bestaande elementen, die verband hielden met het gebruik van het oorspronkelijk landschap, verdwijnen echter niet. Zij worden in de nieuw ontstane situatie opgenomen en zijn als zodanig nog te herkennen in de kadastrale indeling van voor de ruilverkaveling. Maar ook landschapselementen zoals de landweringen en graften blijven bestaan. Landweringen worden als holle wegen opgenomen in het wegenstelsel. Graften, die in de hellingen de horizontale begrenzingen met de bossen vormen, blijven gehandhaafd als kering tegen afspoeling en als leverancier van hakhout. Oorspronkelijke benamingen (verband houdende met het oorspronkelijk gebruik) blijven eveneens, al of niet verbasterd, bestaan ondanks de veranderingen in het gebruik (overgang van het accent op  veeteelt naar akkerbouw).

Reconstructie rond het jaar 1000
Al in de inleidende artikelen beschreven we hoe een middeleeuws dorp functioneerde en hoe men het landschap gebruikte. Dit landschap te reconstrueren is de eigenlijke achtergrond van het onderzoek naar de lokale benamingen en de diverse landschapselementen. De elementen die we zoeken zijn de bossen, de velden en de weidegebieden en hun oudste begrenzingen.

Catsop rond het 1000 voor de grote ontginningen.

Het Mergelakker schrijven we toe aan de hof van Catsop als het oorspronkelijk land van de hof. Het veld voor de boerderijen van de laten (rond de Dries) in Catsop was het Catsopperveld. Dit veld lag tussen de Hokelderweg en het Seeckendaal.

Het gebied van het oorspronkelijke Catsopperveld.

Het weidegebied lag tussen het Einde en de Holstraat, de Hokelderweg aan de ene kant en (deels) de huidige Holstraat  en de Eykskensweg aan de andere kant. Dus de Gebraoke wei, de Hokel,  Achter de Horst, de Geverdelle en Cracouwen (met achteraan een verbinding met de Horst en Hokel).

In dit weidegebied lag, als een eiland, een apart bos dat met met greppels en graften was omgeven. Dit was het bos op de Horst. Dit was tevens een jachtgebied. De Heer van Elsloo had hier een waranda, wat zoiets betekende als een jachtgebied speciaal voor konijnen. Dit bos werd begrensd door een graft langs de Geversdelle en de Horsterweg. Bovenaan de Horsterweg liep tot aan de ruilverkaveling nog een doodlopende veldweg in de richting van Horsterberg. Waarschijnlijk gaat deze terug op de bovenste begrenzing van het bos. De gebieden sloten bij de grenzen (vaak aangeduid door greppels) aan op gelijke gebieden in de aangrenzende gemeenten.

De toegang tot het weide gebied was een apart gebied dat extra bemest werd, de oorspronkelijke  Dries. Centraal punt is het uiteinde van de Dries, een drinkpoel voor het vee. Het is goed mogelijk dat deze werd gevoed door regenwater dat vanuit de Holstraat de poel kon bereiken  Het hele weidegebied van Catsop was dus een soort trechter waarvan de Dreeschpool het eindpunt was.

Cracouwen en de Horsterberg. Onderdelen van het weidegebied van Catsop.

De begrenzingen met Beek en Geulle bestonden uit greppels die tevens de grens vormden. Tussen de Holstraat en de Kampweg lag de Kamp van Catsop een apart veld voor groenten. De Holstraat, Kampstraat en Lindebergstraat omgaven en beschermden deze kamp. Daarbij aangetekend dat het laatste stuk van de Holstraat toen meer westwaarts liep. De rest van de het landschap zoals de Heuvel, de Hoogte en het Lindeberg is dan nog (oer)bos. Het Armsterveld blijft hier buiten beschouwing omdat dit veld vanuit Terhagen is ontgonnen en eigenlijk niet tot Catsop moet worden gerekend. Aan het einde van de Catsopperstraat en langs de Dries liggen tot aan de kapel, aan de linkerkant van de weg, de boerderijen van de laten en de hof van Catsop zelf. Langs de  Daalstraat en het Einde liggen in die tijd nog geen huizen..

Laat reactieformulier zien