logo box 450x250 historie dba67b

Deel 19: Meers, de overzijde en Stein

De Elsloose gebieden aan de overzijde
Eerder beschreven we al de oude grenzen van Elsloo aan de overzijde van de Maas. Voor de komst van de Franssen stroomde de Maas namelijk gedeeltelijk over het grondgebied van Elsloo en niet er langs. Nu was het wel zo dat de landbouwers uit Elsloo en Meers niet met een pont de Maas overstaken om aan de andere kant de akkers te bewerken of vee te weiden. De gronden werden verpacht aan een enkele inwoner van Kotem of Maasmechelen maar voor het grootste deel aan inwoners van Vught. Vandaar dat er we herhaaldelijk beschrijvingen van dit gebied tegenkomen met vermelding van lokale namen en inwoners van aangrenzende dorpen. Aangezien dit materiaal uiteraard niet in hun archieven voorkomen, is het volgende bedoeld als aanvulling van hun gegevens. Misschien kunnen we langs deze weg tot uitwisseling van gegevens komen.

Totaaloverzicht van de Belgische Maasdorp die ooit gezamelijke grenzen met Elsloo hadden. (kaart 1935)
Aan de Koock. Op dit punt stroomde ooit de Maas door Elsloos gebied.

Diefhuysen
Ook kende het gebied aan de overkant diverse al of niet actieve Maasarmen en ander viswater wat verpacht werd. Echter niet aan de beowners van Vught of Leuth maar aan de inwoners van Diefhuisen. Hier komen we weer bij een eerder aangehaald onderwerp punt, verdwenen gehuchten en huizen. In de archieven van Elsloo worden rond 1500 “de visschers van Dieffhuysen” genoemd die het viswater aan de overzijde pachten. Het is natuurlijk de vraag waar Diefhuysen lag. Hierover komen we o.a. de volgende beschrijvingen tegen: “enen weerdt gelegen over der Maesen nae Machelen, geheiten der Elslre werdt offt den Mechelre werdt bij Diefhuessen”, “die visscher van den Krieckelsberch ende Diefheussen” (1514),. Aangezien we niet weten wat precies de Mechelse weerd is geweest of waar de Krieckelsberg lag, kunnen we op basis hiervan niet aangeven waar Diefhuysen (vreemde naam overigens) lag. Een ander vermelding geeft meer houvast. “aen den Alden Merckt thegen Dieffheusen over” . De “Alden Merckt” weten we wel te plaatsen. Die lag “op ten reen tusschen die heerlichheit van Vucht ende Elsloe op ter Masen bij den Maasbant”. Dus Diefhuisen moet schuin tegenover de Maasband aan de overkant van de Maas hebben gelegen (tegenover de Cattesteert). Wanneer dit gehucht verdwenen is weten we niet, in 1612 wordt het in ieder geval nog vermeld. Het is ook geen Elsloo’s gehucht. Althans wij kennen geen vermelding als zodanig. Wellicht is hier in Vucht of Eisden meer over bekend. (Indien dit zo is , laat het ons weten).

De gebieden aan de overzijde in 1834 schematisch weergegeven. En de projectie hiervan op een kaart uit 1935. Hierbij willen we het laten. Dit is namelijk niet de precieze grens geweest. Eigenlijk scheidde een strook Mechels gebied (groene strepen) aan allebei de kanten van de Maas een gedeelte van het Elsloo's gebied af van de rivier (aan deze kant was dit de Mechels griend aan de overkant de Aelbricht griend).

Het gebied tussen de Maas en Maasmechelen in 1937.

Behalve de Hinsberg kunnen we geen naam combineren met die in de archieven van Elsloo.

(Opmerking: “ Tegen de Schansheggen” staat op een andere kaart als “ Tegen de Schaapsheggen”.

In de archieven van Elsloo komen voor dit gebied namen voor als Thonis Weerdt, Hinsberg, Philips griendt, Aan de beek en andere namen.
Deze zullen uiteindelijk (net als in Meers bij de Weerd) opgaan in nieuwe namen.

Het Belgisch buurdorp Maasmechelen in 1847. De hoofdstraat brandde in de 19e eeuw, op een paar huizen na, helemaal af. Inwoners van Elsloo zijn toen gaan helpen blussen. Brouwer Claessen heeft daarvoor toen een hoge Belgische onderscheiding gekregen. Hij was met de brouwerswagen de Maas overgestoken om hiermee bluswater aan te voeren. De kerk ligt dan nog aan een oude Maasarm, het Breedwater.

Vucht
Een groot deel van de gebieden van Elsloo aan de overzijde lagen onder Vucht. Deze landerijen waren derhalve ook in gebruik bij de inwoners van dit dorp.

Het buurdorp Vucht in 1897.

De zwarte golvende lijn langs het dorp is maximale overstromingsgrens van de Maas.

De diverse benamingen in de weerden onder Vucht, Eisden en Leuth.

Met rode stippen zijn de grenzen na de “Elsloose tijd” weergegeven.

Stein
Ook dit oeroud dorp heeft een interessante ontwikkelingsgeschiedenis die het waard is nader uitgezocht te worden. Dit is niet aan ons maar aan lokale onderzoekers. Om hun enigszins te motiveren geven we ook van Stein een paar overzichtskaarten weer om als uitgangspunt te dienen.

Stein in 1803.
Goed zijn de restanten van de wallen van Stein te onderscheiden, het Steinderbos (jachtgebied van de kasteelheren), de Graetheide en zijn open verbinding met het Maasdal. Stein is wel degelijk een Maasdorp en heeft, zoals we beschreven wel degelijk aan de Maas gegrensd en tegen de rivier en haar helpers aan de Lindendries letterlijk gestreden. En wat te denken van de begrenzing met de Maas onder de Maasband. Dit alles om eerdere stellingen dat Stein nooit aan de Maas gegrensd zou hebben, nogmaals te weerleggen.
1847
Duidelijk is te zien dat Stein vroeger uit twee kernen bestond gezien de diverse dalwaarts gerichte wegen, duidelijk op het Maasdal georienteerd. Het Keereind bij het kasteel heeft de opzet van een straatdorp met als uitloop de weg naar Beek, de Steinderweg. Wellicht een van de oudste wegen in het gebied en mogelijk zelfs al van Romeinse oorsprong. Het Keereind toch een gehucht van de noordelijker gelegen kern Stein.

Men kan zien dat dit gedeelte een zwermdorp is. Gegroepeerd nabij de kerk . Opvallend is de cirkel gevormd door wegen naast de kerk. Een dergelijke cirkel komt bijna nergens voor. Wij kennen hem alleen van Heerlen waar het teruggaat op de grachten van een landfort, een verdedigingswerk. Hij kan natuurlijk door samenloop ontstaan zijn, maar een oorsprong uit een verdedigingswerk sluiten wij, mede gezien de ligging t.o.v. de kerk (voorburcht ?) alsnog niet uit.

Stein in 1923

Net als alle dorpen in de regio is de omvang en de landinrichting dan nog onveranderlijk middeleeuws.

Op 1 januari 1926 stoppen in ons gebied de middeleeuwen. Op die dag wordt namelijk de Staatsmijn Maurits in Geleen geopend. Ook zijn dan al de eerste spaden van het Julianakanaal gegraven. Dit is het begin van een zeer ingrijpende ontwikkeling, die eigenlijk na de tweede wereldoorlog echt begon.

Stein in 1983

Nagenoeg het hele grondgebied van Stein is opgeslokt door kanaal en haven, huizenbouw, autowegen en industrie. Zelfs deze kaart is al achterhaald. Het open terrein tussen Stein en Elsloo is anno 2010 ook nagenoeg verdwenen.
De "Drie Koele" anno 2010.
Door oprukkende woningbouw van alle zijden, nog slechts een kleine groene oase tussen Stein en Elsloo.
Laat reactieformulier zien