logo box 450x250 historie dba67b

Deel 31: De Gellik.


Aan de Gellik
“Aan de Gellik” is de weg welk vanuit de Daalstraat vertrekt naar het Seeckendaal. De aanduiding Gellik komen we in de archieven ook tegen als “Gelleck”en “Gellijck”. Letterlijk zou de betekenis uitgelegd kunnen worden als gelijk, effen. Zowel de Daalstraat als de Heuvel lopen af naar de Gellik. Men zou dit punt kunnen uitleggen als op het gelijk (vlakke veld) komen en hieruit de naam herleiden. Bij deze uitleg moeten we wel opmerken dat als de naam werkelijk van gelijk zou komen, het niet DE maar HET Gellik moet zijn. Aan deze uitleg klopt dus iets niet. Zelf denken we dat Gellik nog iets anders betekend kan hebben.

De straat  “Aan de Gellik”

Op kadasterkaarten kunnen we zien dat er naast de straat  “Aan de Gellik”  aan de zijde van de Heuvel zich een apart gebied aftekent.  Men kan hier een boogvormige kadasterlijn onderscheiden, welke begint in de Veestraat (bij het electriciteitshuisje) en eindigt in de bocht in de straat “Aan de Gellik”. De percelen die op de Heuvel liggen houden rekening met deze lijn.  Dit wijst erop dat deze lijn al bestond voordat het gebied werd verkaveld.

De Gellik in 1815. Het gebied tekent zich duidelijk af en heeft geen binding met de omringende kavels. Wel wordt het duidelijk afgebakend door enerzijds de straat en anderszijds een boogvormige lijn. Zowel langs de straat, langs de kadastrale lijn als in het Seeckendaal  zijn bomen ingetekend die mede het gebied afbakenen. Mogelijk stonden die langs afvoersloten voor het water die tevens het terrein ertussen in moesten ontwateren.
De Gellik in 1815

In de archieven maakt men onderscheidt tussen een grote en kleine Gellik.  We vermoeden dat de scherpe begrenzing van de Gellik te maken heeft met de afvoer van het hemelwater vanuit het Seeckendaal of zelfs stromend water heeft gekend. Vanaf de Gellik zocht het water vervolgens zijn weg via “de Dael” over het mergelakker. Deze afvoer bestond waarschijnlijk uit twee takken waarvan mogelijk een de Grote Gellik en de andere de Kleine Gellik kan zijn geweest. Vanuit deze redenatie vragen we ons af of het woord gellik niet een oude, niet meer bekende, aanduiding voor een afvoersloot kan zijn geweest. Uiteindelijk wordt het gebied tussen beide waterafvoeren Gellik genoemd en de straat er langs “Aan de Gellik”. Dit zou dan ook de verklaring zijn waarom we in de archieven percelen tegenkomen die “aan” en percelen die  “op” de Gellik liggen.

Het gebied de Gellik kan in vroeger tijden drassig zijn geweest en werd daarom pas laat apart verkaveld. Ook kan het, samenhangend met de drassigheid, gediend hebben als een gezamenlijke huisweide voor het vee (zoals we al eerder beschreven onder Groene Graaf). De straat zelf was de toegang naar het Seeckendaal. Via het Seeckendaal heeft tot ca 1800  de belangrijkste weg naar Beek gelopen voor vrachtverkeer (voetgangers gingen over de Heuvel) .  Vanuit Elsloo volgde men dan de  Elserveeweg (nu Stationsstraat-west), vervolgens de Catsopperveestraat om dan via de Gellik naar Beek te gaan. Vanuit Catsop volgde men de Daalstraat en dan de Gellik. Het verkeer vanuit Beek volgde uiteraard omgekeerd dezelfde weg. De benadering van de Gellik vanuit Elsloo en Catsop zijn de oorsprong van de splitsing die nu nog bestaat aan het begin van “Aan de Gellik”.

De Gellik, de Daalstraat en de Catsopperveestraat in 1950 De Gellik, de Daalstraat en de Catsopperveestraat in 1950. Goed zijn de hoge bomen nog te zien die tot de jaren 70 stonden in de driehoek aan het begin van “Aan de Gellik”.

Hoewel we daar geen concrete bewijzen voor hebben, zou het ons niet verbazen als op de Gellik ook ooit een waterplaats of drinkpoel heeft gekend. Dit  mede omdat er vanuit het Seeckendaal nu nog een zwakke beek stroomt, die verder via het riool afwatert. Deze beek is niet zo heel oud, pas in de jaren 70 is deze weer op gang gekomen. Toch moet deze al eerder gestroomd hebben. In het Seeckendaal komen we de, nog te behandelen, benaming “ut Putje” tegen. Put is een oud woord voor bron, hetgeen we al eerder tegenkwamen bij het Terhagerpötje.  Het is goed mogelijk dat het water van het Putje op de Gellik verzameld werden van hieruit zijn weg zocht over het Mergelakker. Een sterke beek zal het niet geweest zijn, we zijn ze in ieder geval nergens in de archieven vanaf 1500 tegengekomen en ze had in ieder geval geen aparte naam.  Mogelijk voerde ze maar tijdelijk water of ze voerde zo weinig water dat ze niet ver doorstroomde. De Gellik zou het eindpunt van de beek geweest kunnen zijn of misschien de Visserspoel in het Elserveld.  Ook de vermelding  van een voormalige vlootgraaf kan erop duiden dat de beek op een gegeven moment geen water meer voerde. Was de vlootgraaf namelijk alleen voor hemelwater gegraven, dan had men hem toch open moeten laten. Het hemelwater komt tenslotte altijd weer terug.

De Gellik in 1982. Door een opvangbekken in het Seeckendaal en de riolering is de waterafvoerfunctie van de Gellik verdwenen en raakt het gebied stilaan aan geheel bebouwd.

De Daalstraat
Vanaf de kapel in Catsop loopt de Daalstraat hellend naar “de Gellik”. In het afdalen van de helling in de straat kan men de naamsherleiding zoeken in de betekenis van “de straat die afdaalt” maar ook in de bestemming namelijk naar het punt waar “den Dael” over het  Mergelakker begon. De Daalstraat was in eerste instantie de vebinding met de Catsopperveestraat (en via deze met de heide), het Mergelakker, de Gellik ( en via het Seeckendaal met Beek) en de velden op de Heuvel. In latere tijden krijgt de Daalstraat ook een functie als doorgaande weg. Hierover later meer.

De Daalstraat in 1845. Duidelijk is de oudste bebouwing te zien . Men kan goed zien dat de boerderijen aan de kant van de hof op percelen liggen die samen een blok vormen. Waarschijnlijk is deze blok afgesplitst van de hof van Catsop. Aan de overkant is de samenhang minder duidelijk en zijn de percelen meer gesplitst. Dit duidt op oudere bebouwing van de straat. Ook de Catsopperhof is goed te zien met ernaast een grote drinkpoel.
De splitsing Daalstraat, Gellik en Veestraat. De splitsing Daalstraat, Gellik en Veestraat.


De Catsopperveestraat
Deze weg begint aan de Gellik en liep door tot aan de Elserveeweg (Stationsstraat-west). De huidige Spoorstraat was dus een onderdeel van deze weg. Over de Catsopperveestraat werd het vee vanuit Catsop naar de Graetheide gedreven.

De Catsopperveestraat in 1910. De Catsopperveestraat in 1910.

Afbeelding boven: De Catsopperveestraat in 1910. Op de Gellik ligt dan maar een huis en langs de Veestraat  twee. Eentje eenzaam in het veld en het tweede op de hoek met de Elserveeweg. Dit laatste  is nu afgebroken er staat nu een drogisterij. Nu is gebied rond de Gellik helemaal volgebouwd. Aangezien rond het begin van de Gellik aan een kant verschillende leden van de familie Dols wonen en aan de andere kant (richting Daalstraat) van de familie Knoben, spreken de Catsoppenaeren ook wel van de “Dolshoek” en de “Knobenhoek”..

Laat reactieformulier zien